woensdag, augustus 31, 2005

Bijkomende kosten voor een hypotheeklening

Bij het afsluiten van een hypotheeklening steken er - uiteraard - enkele bijkomende kosten de kop op: de notarisosten die de registratierechten, het ereloon van de notaris en de diverse administratiekosten omvatten. Het bedrag van de notariskosten is afhankelijk van het geleende bedrag. Op de website van de notarissen: www.notaris.be vind je een berekeningsmodule om dit bedrag te bepalen.

dinsdag, augustus 30, 2005

De beveiliging van je woning

Verzekeringsmaatschappijen oefenen druk uit om een deftige alarminstallatie te plaatsen. Een specialist maakt met jou een rodned oor de woning en maakt een plan op van de toegangsmogelijkheden die beveiligd moeten worden.

Van een eenvoudig slot tot een veiligheidsslot met een veerpomp en 3- of 5-puntaansluiting, het is aan jou om te bepalen welke beveiliging je wenst. De inkomdeur moet van vol en hard hout zijn. Als de garage deel uitmaakt van de wonong, moet je de garagepoort beschouwen als een tweede ingang. Garagepoorten zijn immers gemakkelijk te forceren. Alle toegangsmogelijkheden die niet voorzien worden van rolluiken of blinden kan je beveiligen met tralies met een maximale tussenafstand van 11 cm. Er zijn veel elegantere manieren om je te beveiligen zoals het gebruik van gelaagd glas.

Alarminstallaties detecteren elke poging tot inbraak en hebben een afschrikkingseffect. De detectie gebeurt op drie manieren: perimetrische detectie, dit detecteert pogingen om ene raam of een deur te openen; omgevingsdetectoren, infrarooddetectoren die de aanwezigheid detecteren; volumetrische detectie dit zijn infrarooddetectoren, ultrasone of hoogfrequentiedetectoren die reageren op een aanwezigheid of beweging in een ruimte.

Als alarm kan gebruik gemaakt worden van een sirene, van lichtstralen of van een stil alarm naar een meldcentrale. De signalen worden verwerkt door een dispatchingcentrum dat afhankelijk van de situatie de politie kan verwittigen.

maandag, augustus 29, 2005

Fiscale voordelen en premies voor rationeel energiegebruik

De federale regering heeft een aantal maatregelen uitgewerkt om energiebesparing bij nieuwbouw en renovatie van woningen aan te moedigen. Zo geldt er een belastingsvermindering van 15% op het geïnvesteerde bedrag voor vervanging van oude stookketels, de installatie van een zonneboiler en de installatie van fotovoltaïsche zonnepanelen. Een belastingsvermindering van 40% is er voor de plaatsing van hoogrendementsbeglazing, dakisolatie, thermostatische kranen op radiatoren en een energieaudit van de woning.

Per belastingsaangifte mag maximaal 610 euro (werken uitgevoerd in 2004) worden gerecupereerd per woning. Bij jouw gemeente en electriciteitsnetwerkbeheerder kan je in veel gevallen terecht voor een extra energiebesparende premie.

donderdag, augustus 25, 2005

Quotiteit

De quotiteit is de verhouding tussen het ontleend bedrag en de waarde van de woning. Als je een woning koopt van 100.000 euro en je leent daarvoor 70.000 euro dan is je quotiteit 70%. De quotiteit kan hoger zijn dan 100% wanneer je bijvoorbeeld ook moet lenen voor notariskosten, BTW, verhuiskosten ed.

Sommige banken rekenen een extra toeslag van 0,25% als men boven een quotiteit van 80% leent.

woensdag, augustus 24, 2005

Basisrentevoet of toegepaste rentevoet

De basisrentevoet is de normale rentevoet. Als je daarvan de kortingen aftrekt, krijg j de toegepaste rentevoet. Idere finanicële instelling geeft kortingen aan haar bestaande klanten, om hun te belonen voor hun trouw, of aan nieuwe klanten als lokmiddel.

Kortingen krijg je bijvoorbeeld door al de bank als je vaste bank te nemen, dus al je bankverrichtingen via die ene bank te doen, of als je een totaalpakket neemt met verzekeringen. Banken verdienen momenteel meer aan verzekeringspremies dan aan leningen.

maandag, augustus 22, 2005

Bouwleningen

Vraag:
Hoe moeilijk is het voor jonge mensen om uit het kluwen te geraken van leningen met de zovele formules, banken, fiscale aspecten, ?
Daarom waarschijnlijk heeft de z.g. Hypotheker zijn intrede heeft gedaan. Is het verstandig om je lot in handen te leggen van zo'n tussenpersoon tot het bekomen van de 'beste' bouwlening ? Of is het de zoveelste post die het weerom alleen maar wat (verdoken) duurder maakt en kun je dus beter echt je lot in eigen handen nemen en zelf het gevecht met de bank aangaan?


Antwoord:
In België is vooral de Immotheker bekend als onafhankelijk kredietmakelaar. Het concept is overgewaaid vanuit Nederland waar de Hypotheker al langer ingeburgerd is.

Er is zeker niets op tegen om voor een lening je licht op te steken bij een dergelijke instantie. Net zoals dat voor een verzekeringsmakelaar het geval is, is hun advies gratis en worden ze betaald door de maatschappij waar de lening uiteindelijk afgesloten wordt. Potentieel schuilt er misschien een gevaar in dat de kredietmakelaar geneigd is om je die lening aan te bevelen waarop zij de hoogste commissie uitgekeerd krijgen, maar voor zover wij weten bezondigen gerenommeerde kredietmakelaars als de Immotheker zich daar niet aan.

Niets belet je echter om zowel je licht op te steken bij je eigen bank en bij de kredietmakelaar. Dat zie je meteen waar je de beste voorwaarden kan bedingen.

zaterdag, augustus 20, 2005

Tontine

Dit gevonden over de tontine :

Ik heb een aantal jaar geleden samen met een vriend een huis gekocht. In het koopcontract was een beding van tontine opgenomen. We zijn nu uit elkaar en ik wil het huis verkopen. Kan dat?

Eerst even uitleggen wat een beding van tontine is. Als je niet getrouwd bent en je koopt samen een woning, dan koop je dat aan in onverdeeldheid. Onverdeeldheid betekent dat je wel ieder een deel bezit, maar dat je dat deel niet zomaar mag verkopen.

De clausule van tontine werd vaak bij aankoop van een woning door samenwonenden in de notariële akte opgenomen om er voor te zorgen dat bij het overlijden van één van de twee de langstlevende in het bezit kwam van de helft van de overledene. Technisch gesproken komt het hier op neer dat het deel van de overledene met terugwerkende kracht (tot op de datum van de akte) bij het deel van langstlevende wordt gevoegd. Dat betekent dat de eerste gestorvene nooit geacht werd eigenaar te zijn geweest. Zijn of haar deel kwam dan ook niet in de nalatenschap terecht, waardoor de erfgenamen (kinderen, broers/zusters, ouders,..)er geen recht op hadden. De bedoeling is duidelijk: er voor zorgen dat de langstlevende partner, broer of zuster,.. in de woning kon blijven.

Nu zegt de wet dat een mede-eigenaar niet gedwongen kan worden altijd in onverdeeldheid te blijven. Dat kan maximaal voor vijf jaar, waarna de verdeling en de verkoop kan worden gevraagd. Dat is echter niet altijd het geval. In het geval van een tontine ging de rechtsleer en rechtspraak ervan uit dat de bedoeling van de partijen bij de aankoop juist was om altijd in onverdeeldheid te blijven, tot het overlijden van één van de twee. Een tontine is ook een soort kanscontract, de langstlevende krijgt alles!

Maar meer recente rechtspraak bekijkt dat wel anders. De bedoeling van de partijen was om elkaar te beschermen bij het overlijden van één van de twee. Maar als partijen uit elkaar gaan speelt deze bedoeling niet meer en kun je stellen dat ieder wel zijn gedeelte kan verkopen.

dinsdag, augustus 16, 2005

Woonkrediet

,,Als iedereen die veel belastingen betaalt, ook veel verdient, kun je dan besluiten dat wie veel verdient ook veel belastingen betaalt?'' De vraag lijkt wel te komen uit de cursus logica van de tweede kandidatuur. Het antwoord luidt onverbloemd ,,neen'', want er bestaat zoiets als ,,fiscale voordelen''. Zeker als u een of meer huizen bezit en er een woonkrediet voor hebt aangegaan.

I N onze reeks zijn we daarmee in vak IX beland, bij de uitgaven die recht geven op een belastingvermindering. Die uitgaven omvatten de kapitaalaflossing van een hypotheeklening, de premies van een individuele levensverzekering, geld dat besteed wordt aan PWA-cheques, aan werkgeversaandelen en aan pensioensparen. In sommige gevallen hebt u recht op de verhoogde vermindering die wordt berekend tegen de marginale aanslagvoet (de hoogste die voor uw inkomen van toepassing is), in andere gaat het om gewone verminderingen die berekend worden tegen de zogenaamde bijzondere gemiddelde aanslagvoet.

Beginnen we met de premies voor een individuele levensverzekering. De premies komen maar voor aftrek in aanmerking als het contract aan een aantal voorwaarden voldoet. Zo moet het contract zijn afgesloten met een Belgische verzekeringsmaatschappij, of met het Belgisch filiaal van een buitenlandse verzekeraar. Het contract moet bovendien ondertekend zijn voor u 65 jaar oud werd. Als het contract voorziet in een uitkering bij overlijden, mag de ondertekenaar alleen zijn eigen overlijden verzekeren. De begunstigde van het contract moet uw echtgenoot zijn, de partner waarmee u wettelijk samenwoont - een contract ten gunste van een ongehuwde partner komt niet in aanmerking - of een bloedverwant(en) tot de tweede graad (kinderen, kleinkinderen, ouders, grootouders, broers of zussen). Als ook bij leven een bedrag wordt uitgekeerd, moet de looptijd van het contract ten minste tien jaar zijn, moet u de enige begunstigde zijn en mag het bedrag of de rente niet worden uitgekeerd voor u 65 wordt (voor contracten sinds 1 januari 2002 geldt die limiet ook voor vrouwen). De betaalde premies mogen afgetrokken worden tot een maximum van 1.830 euro. Als u ook nog een hypotheeklening hebt waarvan u het kapitaal jaarlijks aflost en die aan de voorwaarden voldoet om fiscaal aftrekbaar te zijn ( zie verder ), dan mag het totaal van de premies en die aflossing niet hoger liggen dan 1.830 euro.

De verhoogde vermindering is alleen van toepassing op premies van een gemengde levensverzekering of van een schuldsaldoverzekering die gekoppeld is aan een hypotheeklening. Voor contracten die dateren van voor 1993 moet de lening zijn aangegaan voor een woning in België die uw hoofdverblijfplaats vormt, of voor het huis of appartement waarvan u het kadastraal inkomen aangeeft in vak 1100/2100 of 1101/2101. Bij contracten die na 1992 zijn afgesloten moet de lening dienen voor de enige woning die u bij het aangaan van de lening bezat. Of de woning volledig privé wordt gebruikt of deels ook professioneel, doet hier niet terzake. De wet bepaalt dat het levensverzekeringscontract in dat geval uitsluitend mag dienen voor de dekking van een hypotheeklening. Als het geleende bedrag kleiner is dan de verzekerde som, hebt u dus geen recht op een verhoogde vermindering. Die situatie kan zich voordoen als u een lening gedeeltelijk vervroegd afbetaalt. Om problemen te vermijden is het in die gevallen altijd het best om het verzekeringscontract op te delen in een deel voor de dekking van de lening en een deel in verband met de rest.

Er staat ook een wettelijk maximum op het leningsbedrag dat gedekt wordt door de levensverzekering. Als het geleende bedrag hoger ligt, moet uitgerekend worden welk deel van de betaalde verzekeringspremie overeenkomt met het maximumbedrag en dus in aanmerking komt voor de verhoogde aftrek. De rest van de premie geeft enkel recht op de gewone vermindering. Het maximumbedrag verschilt volgens het jaar waarin de lening werd aangegaan en het aantal kinderen ten laste. De bepalende datum is 1 januari van het jaar waarin de lening (niet het verzekeringscontract) werd aangegaan. De fiscaal aftrekbare premie en kapitaalaflossing wordt beperkt tot 6 procent van het gezamenlijk netto beroepsinkomen, verhoogd met 136,8 euro, met een absoluut plafond van 1.830 euro per belastingplichtige. Voor een gezin met twee kinderen ten laste dat leende in 1990, komt dat overeen met een maximaal geleend bedrag van 56.222,25 euro. Een gezin met evenveel kinderen dat afgelopen jaar een woonkrediet aanging, mocht tot 67.000 euro lenen. Zonder kinderen ten laste zakken de bedragen naar respectievelijk 51.115,64 en 60.910 euro. Met vier kinderen of meer ten laste klimmen ze dan weer naar 66.460,25, respectievelijk 79.180 euro. Op bladzijde 59 van de toelichting bij uw formulier staat de volledige tabel van de maximumbedragen.

Hoe vult u een en ander nu in op uw aangifteformulier? Elke huwelijkspartner kan de premies aangeven van het contract dat op zijn of haar naam staat. Als de levensverzekering uitsluitend werd aangegaan voor het dekken van een woonkrediet, moeten de premies ingevuld worden onder code 1352 en/of 2352 als de verzekering werd afgesloten voor 1 januari 1989, en onder code 1351 (2351) als de lening van recentere datum is. Als het verzekerde bedrag hoger ligt dan het wettelijk maximum, moet de effectief betaalde premie vermenigvuldigd worden met een breuk waarvan de teller het maximumbedrag is en de noemer het effectief verzekerde bedrag. Het resultaat belandt dan onder code 1352 (2352) of 1351 (2351), net als hierboven. In beide gevallen geeft het bedrag dat onder die codes werd ingevuld recht op de verhoogde belastingvermindering. Het saldo van de zo net geschetste berekening wordt ingevuld onder code 1354 en/of 2354 (partner) als het contract van voor 1 januari 1989 dateert en onder code 1353 (2353) als het een recenter contract is. Onder die codes moeten ook de premies worden ingevuld die betaald werden voor een levensverzekering die niet uitsluitend dient voor de dekking van een woonkrediet. De bedragen onder de codes 1354 (2354) en 1353 (2353) geven recht op een gewone belastingvermindering. Voeg in alle gevallen het attest bij dat de verzekeringsmaatschappij jaarlijks bezorgt, en waarop de effectief betaalde premies vermeld staan. Als u de premies voor het eerst aangeeft, moet ook het ,,vrijstellingsattest'' worden toegevoegd dat de verzekeringsmaatschappij bezorgt.

Naast de premies van de levensverzekering kunnen ook de kapitaalaflossingen van het woonkrediet ingebracht worden. Het gedeelte van het geleende bedrag, met andere woorden, dat u jaarlijks terugbetaalt aan de financiële instelling. Maar ook hier stelt de wetgever een paar voorwaarden om in aanmerking te komen. Zo moet de lening zijn aangegaan voor een looptijd van ten minste tien jaar. Ze moet dienen om een in België gelegen woning te bouwen, te verbouwen of te kopen. Of de woning al dan niet - ook gedeeltelijk - voor professionele doeleinden wordt gebruikt, doet niet terzake. Zolang de woning ,,algemeen bekeken'' maar een woning blijft en geen kantoorgebouw is. Voor leningen van voor 1 januari 1989 moet de woning bovendien het fiscaal statuut hebben van een middelgrote of een sociale woning. Aflossingen van kredieten die aangegaan werden voor 1993, komen maar in aanmerking voor de verhoogde belastingvermindering als de woning waarop de lening betrekking heeft nog steeds uw hoofdverblijfplaats is. Anders geldt enkel de gewone aftrek. Voor jongere contracten geldt als enige beperking dat u bij het aangaan van de lening geen andere woningen mocht bezitten. Er is echter geen verplichting om zelf in het huis te wonen.

De verhoogde belastingvermindering wordt berekend op basis van de marginale aanslagvoet (de hoogste schijf waarin uw inkomen wordt belast). De gewone vermindering gebeurt tegen de bijzondere gemiddelde aanslagvoet die de fiscus zelf berekent, en die lager ligt dan de marginale voet.

Een belangrijke opmerking nog: het maximumbedrag dat recht geeft op een belastingvoordeel (zie ook: schuldsaldoverzekering) wordt berekend volgens de woning, niet per persoon of per lening. Als uw lening voldoet aan de voorwaarden voor de verhoogde belastingaftrek, dan moeten de kapitaalaflossingen worden ingevuld onder code 1355 of 2355 (partner) als de lening afgesloten werd na 1 januari 1989, onder code 1356 of 2356 als de lening ouder is en als het om een sociale woning gaat, en onder code 1357 (2357) als het een middelgrote woning betreft. Kapitaalaflossingen van leningen die niet in aanmerking komen voor de verhoogde belastingaftrek, belanden onder code 1358 (2358) als ze van na 1 januari 1989 dateren en onder code 1359 (2359) als ze ouder zijn en betrekking hebben op een sociale woning. Voor een middelgrote woning belanden we bij code 1360 (2360). Bent u getrouwd of woont u wettelijk samen, zijn beide partners mede-eigenaar van de woning, en werd het woonkrediet bovendien ,,hoofdelijk en ondeelbaar'' aangegaan, dan mag u kiezen hoe u het bedrag over beide kolommen van de aangifte verdeelt. Bovendien mag die verdeling jaarlijks worden gewijzigd. Vaak gebeurt dat in functie van de beroepsinkomsten van beide huwelijkspartners. De verdeling voor de schuldsaldoverzekering hoeft daar niet noodzakelijk mee gelijk te lopen. Optimaliseren is hier aangewezen (zie artikel hierbij).

En dan is er nog het pensioensparen. De stortingen die daarvoor gedaan worden, behoren allicht tot de bekendste fiscale aftrekposten in ons land. De bedragen die gestort mogen worden, waren afgelopen jaar beperkt tot 610 euro per jaar. Alleen wie ouder is dan 18 en jonger dan 64 komt in aanmerking. De stortingen geven recht op een gewone belastingvermindering. Ze moeten ingevuld worden onder code 1361 en/of 2361 (partner). De stortingen voor het pensioensparen zijn niet cumuleerbaar met aankopen van aandelen van het bedrijf waar u werkt. Het is het ene of het andere, wat de fiscus betreft. Die aankopen moeten gebeuren naar aanleiding van de oprichting van een bedrijf of bij een kapitaalverhoging. De effecten moeten ten minste vijf jaar behouden worden. Ook hier bedraagt de fiscale limiet 610 euro per persoon en wordt gewerkt met een gewone belastingvermindering tegen het marginaal tarief. De stortingen moeten vermeld worden onder code 1362 en/of 2362 (partner).

Bedragen die u afgelopen jaar besteed hebt aan PWA-cheques op uw naam (werkster, tuinman en andere klusjesmannen of -vrouwen) mag u invullen onder code 1365 of 2365. Dienstencheques moeten ingevuld worden onder code 1364 of 2364. Het maximumbedrag per partner voor beide soorten cheques samen is 2.200 euro. tot vorig jaar gold die beperking per gezin. Ook hier gaat het om een gewone belastingvermindering. Elke partner geeft de cheques aan die door hem werden aangekocht. Die bedragen worden eerst individueel beperkt tot 2.200 euro, vervolgens worden de bedragen samengeteld om ze vervolgens weer proportioneel te verdelen in functie van ieders inkomen. Eenvoudig is anders, maar wel voordeliger dan de oude regeling.

maandag, augustus 15, 2005

Hospitalisatieverzekering

Hospitalisatieverzekeringen: waarop moet u letten?

Wie al eens een keer in het ziekenhuis verbleven heeft, weet best wat een hospitalisatieverzekering - of in vakjargon een verzekering voor geneeskundige zorg - te bieden heeft. Maar deze polissen zijn de laatste jaren spijtig genoeg ook erg duur geworden. De verklaring hiervoor hoeven we niet ver te gaan zoeken : de medische kosten stijgen snel door de toepassing van nieuwe, dure technieken en de wettelijke ziekteverzekering wordt almaar zuiniger bij haar terugbetalingen. Met als gevolg dat de ziektekostenverzekeraars de voorbije jaren steeds hogere bedragen moesten uitkeren wanneer hun klanten in het hospitaal terechtkwamen.

Voor een aantal verzekeraars was het onevenwicht tussen uitgaven en inkomsten zodanig groot geworden dat de Controledienst Der Verzekeringen aan de alarmbel trok. De premies moesten omhoog. Het gevolg is dat hospitalisatieverzekeringen de jongste jaren bijzonder prijzige verzekeringen zijn geworden. U kan er dus maar best voor zorgen dat u ook een goede polis kiest. Wat moet u weten vooraleer u een keuze maakt ?


1. Oudere mensen : moeilijk te verzekeren

Wil u een private ziektekostenverzekering (bijvoorbeeld bij DKV, DVV, AGF, Fortis, KBC, Fidea, enzovoort_.) afsluiten dan wordt de hoogte van uw premie hoofdzakelijk bepaald door uw leeftijd. Sluit u bijvoorbeeld een polis af als 30-jarige, dan krijgt u een lager tarief dan een 60-jarige. Dat lage tarief behoudt u (behalve bij Fidea) in principe uw leven lang (behoudens algemene prijsaanpassingen of indexeringen). Of met andere woorden: komt u in een hogere leeftijdscategorie terecht, dan moet u de leeftijdssprong niet nemen. Uw premie wordt op dat moment niet aangepast omwille van uw leeftijd. Op het eerste gezicht lijkt dat een mooi voordeel. Maar in werkelijkheid worden oudere verzekerden op die manier gegijzeld. Overstappen naar een andere verzekeraar wordt voor hen de facto onmogelijk omdat zij dan opnieuw een polis moeten afsluiten die, gezien hun hoge leeftijd, een stuk duurder is. Bovendien zitten vele oudere mensen met het problemen dat ze een medische voorgeschiedenis hebben. En ziektes en aandoeningen die al bestonden voor het afsluiten van een contract, worden nooit gedekt. Deze twee factoren samen maken dat het voor oudere mensen zo goed als onmogelijk is om over te stappen naar een nieuwe verzekeraar. Voor ziektekostenverzekeringen speelt de concurrentie op de markt dan ook enkel voor jongeren, en niet voor ouderen. Bent u de zestig gepasseerd dan mag u al blij zijn als u nog een polis vindt.


2. Let op de uitsluitingen

Een vaak terugkomende klacht in verband met hospitalisatieverzekeringen is dat de terugbetaling van bepaalde medische kosten geweigerd wordt omdat de betreffende kostensoort ook uitgesloten is van terugbetaling door het ziekenfonds. Of met andere woorden: enkel de kosten die gedeeltelijk worden terugbetaald door de wettelijke ziekteverzekering, worden voor het overige deel door de verzekeraar gedragen. Sommige polissen zijn wat dat betreft echter wél O.K.. Volgens een studie van de verbruikersunie die hierover verscheen in Budget en Recht van maart 2000 zijn dat de maatschappijen DKV, P&V, Fidea en CB direct.

Voorts voorzien de meeste polissen enkele nadrukkelijke uitsluitingen zoals bijvoorbeeld palliatieve verzorging van terminale patiënten in het ziekenhuis, kosten voor esthetische chirurgie, behandeling van onvruchtbaarheid of seropositiviteit, gevolgen van de beoefening van bepaalde sporten, gevolgen van een sterilisatie of verplichte inenting, geestesziekten, enzovoort. Op dat vlak zijn eveneens de polissen van DKV, P&V en Fidea het meest voordelig, aldus de verbruikersunie.

En dan is er nog de uitsluiting van bestaande ziektes die de verzekerden wel eens zuur kan opbreken. Dat bestaande ziektes uitgesloten zijn van de verzekering, is een logisch principe dat bij alle verzekeringen voorkomt. Een risico kan nu eenmaal alleen worden verzekerd als het zich nog niet heeft voorgedaan (u kan uw huis ook niet verzekeren tegen brand wanneer het staat af te branden). Maar sommige verzekeraars interpreteren dit gegeven ruimer dan andere. Volgens een aantal verzekeraars hoeft de aandoening niet per se te zijn vastgesteld tijdens het medisch onderzoek, maar volstaat het dat ze reeds bestond voor de ondertekening van het contract. Erfelijke of andere ziektes, die nog niet ontdekt waren bij de ondertekening van het contract maar al wel ongemerkt aanwezig waren, zijn in dat geval ook altijd uitgesloten. Maar er zijn ook verzekeraars die het principe van bestaande ziektes op een meer faire manier interpreteren. Let hierop voor u uw handtekening plaatst. Volgens de verbruikersnunie voldoen op dit vlak eveneens de polissen van DVV en KBC.


3. Opzegmogelijkheden : hou het beperkt

Sommige polissen kunnen vrij eenvoudig worden opgezegd door de verzekeraar.

Zo'n polis mag u nooit afsluiten. Met zo'n contract is het voor de verzekeraar immers al te gemakkelijk om u op te zeggen wanneer u teveel begint te kosten. En bij een andere verzekeringsmaatschappij kan u op dat moment niet meer terecht.

Gelukkig voor de consument bepaalt artikel 31 van de wet op de landsverzekeringsovereenkomst echter dat een verzekeraar een levens- of ziekteverzekering niet mag opzeggen na een schadegeval. Wordt uw verzekering als gevolg van een of andere clausule in uw polis toch opgezegd, toevallig nadat u een jaar veel schade heeft aangegeven, én komt dat geschil voor de rechtbank, dan heeft u aan dat artikel uiteraard een goede bondgenoot. In welke gevallen de verzekeraar precies kan opzeggen, kan u terugvinden in de algemene voorwaarden van de verzekering. Vaak is de enige opzegmogelijkheid voor de verzekeraar premiewanbetaling door de verzekeringnemer. Maar er zijn maatschappijen die het opzegrecht een stuk ruimer zien. Die zijn te mijden.


4. Het alternatief van het ziekenfonds

Een alternatief voor de private ziektekostenverzekeringen zijn de ziektekostenplannen die de ziekenfondsen aan hun leden aanbieden. De polissen aangeboden door de diverse ziekenfondsen vertonen onderling een aantal verschillen. Opmerkelijk is evenwel dat al deze verzekeringen gevoelig goedkoper zijn dan de privé-ziektekostenverzekeringen. Maar de dekking is vaak ook minder volledig. Een belangrijk minpunt is dat de kosten veelal enkel volledig vergoed worden wanneer u in een gezamenlijke kamer verblijft. Kiest u voor een een- of tweepersoonskamer, dan betaalt u een stuk van de opleg zelf. Voor het overige gelden een aantal gelijkaardige uitsluitingen als bij de privé-verzekeringen, zoals sportongevallen, schoonheidsoperaties en vruchtbaarheidsbehandelingen (terugbetaald tot maximum 500 euro per persoon). Sommige van deze verzekeringen zijn interessant voor mensen die niet meer in zeer goede gezondheid verkeren. Zo moet u bijvoorbeeld bij de Socialistische Mutualiteiten geen medische vragenlijst invullen, noch een medisch onderzoek ondergaan. Voorts is er meestal ook geen enkele beperking qua leeftijd. Bij de Christelijke Mutualiteiten moet u wel een vragenlijst invullen. Maar op basis daarvan kan niemand worden uitgesloten. En heeft u de eerste vijf jaar van de aansluiting geen ziekenhuisopname als gevolg van een bestaande aandoening, dan wordt die na vijf jaar ook volledig verzekerd. Aansluiten kan hier tot de leeftijd van 66 jaar.

vrijdag, augustus 12, 2005

Belastingaangifte : simuleren aangifte

WIE de klus nu al wekenlang voor zich uitschuift, moet er toch stilaan werk van beginnen maken, want de belastingaangifte moet uiterlijk op 31 augustus ingediend worden. Tweeënhalve week dus nog. En vergeet niet dat de vierde fase van de belastinghervorming het allemaal niet eenvoudiger maakt.

Een degelijke belastinggids of zelfs een softwareprogramma voor het simuleren van je aangifte zijn dus geen overbodige luxe. Een greep uit het aanbod.

De ,,Belastinggids'' van Test-Aankoop is een klassieker en allicht de bekendste onder de handleidingen voor de fiscale aangifte. Het voordeel is dat het eerste deel heel praktisch gericht is op het invullen van de aangifte. Hier geen overbodige details.

De tweede helft heet ,,Om er meer van te weten'', en schetst het hoe en het waarom van bepaalde regels. Als je daar geen belangstelling voor hebt, kan je je beperken tot de eerste zeventig bladzijden.

De ,,Belastingalmanak'' van Standaard Uitgeverij is uitgebreider en technischer. Je vindt er meer en gedetailleerdere informatie in, maar de leesbaarheid is wat minder. Een echt handboek, iets meer gericht op professionelen, al dertig jaar lang.

Daar tussenin zit dan de ,,Belasting- & Beleggingsgids'' van uitgeverij Pelckmans. De achttiende editie al. Hij volgt de structuur van het aangifteformulier, maar lardeert de informatie met dossiertjes, schema's en nuttige weetjes.

De combinatie van diepgang en toegankelijkheid is naar onze smaak onovertroffen, mede dankzij de handige symbooltjes waarmee nieuwigheden en besparingstips worden aangeduid.

Een buitenbeentje, maar dan wel eentje dat al 21 jaar verschijnt, is de ,,Praktische Belastingservice'' die Lieven Van Belleghem al jaren in eigen beheer uitgeeft. Dit jaar verschijnt hij op 7.000 exemplaren. Het boek is heel didactisch opgesteld en sluit in zijn opzet sterk aan bij de ,,Belasting & Beleggingsgids''. Een aangename verrassing.

De Belastinggids (Test-Aankoop) kan ook verkregen worden met Multitax, een cd-rom met een berekenings- en optimalisatieprogramma. Ook Standaard uitgeverij en Pelckmans verkopen een afzonderlijk berekeningsprogramma.

Daarnaast zijn er tal van gidsen die uitsluitend op cd-rom verschijnen. Verscheidene financiële instellingen bieden in deze periode ook gratis berekeningsmodules aan op hun internetsite.

Taxweb van DVV is een evergreen, maar nagenoeg elke zichzelf respecterende bank en steeds meer verzekeringsmaatschappijen zetten in deze periode berekeningsprogramma's op hun site.

Op de site van de federale belastingadministratie staat de berekeningsmodule TaxCalc. Dat het programma niet foutloos werkt, is de jongste weken duidelijk gebleken.

- Belastinggids 2005, Test-Aankoop, 154 blz., 15,95 euro. Met Multitax-programma, 29,95 euro. - Belastingalmanak, Standaard Uitgeverij, 328 blz., 19 euro. Met berekeningsprogramma, 23 euro. - Belasting- & Beleggingsgids, Uitgeverij Pelckmans, 544 blz., 22,5 euro. De gids kan gecombineerd worden met fiscale programma's van Kluwer Software. - Praktische Belastingservice, Lieven Van Belleghem (in eigen beheer), Uilenstraat 197, 9100 Sint-Niklaas, 432 blz., 32 euro. www.fiscus.fgov.be

donderdag, augustus 11, 2005

Rechten van de Schatkist

De Staat heeft het recht om een hypotheek te vestigen op het onroerende goed van een belastingsplichtige als die zijn verplichtingen tegenover de schatkist niet nakomt.

Een dergelijke hypotheek heeft voorrang op een bedongen hypotheek indien de schuld tegen de Staat reeds bestond vooraleer de bedongen hypotheek werd gevestigd.

De Notaris dient dus ook bij de Administratie der Directe Belastingen na te gaan of de kredietnemer geen belastingsschulden niet meer heeft.

Indien de klan een schuld heeft bij de Staat, dienen zij die eerst terug te betalen en dit te bewijzen bij hun Notaris met een betalinsgbewijs. Anders zal de Notaris het leenbedrag verminderen met de schuld en deze doorstorten aan de belastingen.

De Notaris moet bij ondertekening van de kredietopeningsakte schriftelijk bevestigen dat hij persoonlijk de nodige opzoekingen heeft gedaan bij de betrokken belastingsdiensten.

woensdag, augustus 10, 2005

Hypotheekinschrijving

De hypotheekinschrijving geldt voor dertig jaar.

Beslaat het krediet een periode langer dan dertig jaar of wordt de oorspronkelijke periode overschreden door een heropneming, dan kan de klant
- zijn schuld vervroegd terugbetalen
- een verlenging aanvragen van de hypothecaire inschrijving voor een nieuwe periode van dertig jaar.

Het bedrag van de inschrijving bestaat uit de hoofdsom, de toebehoren en de interesten.

De Hoofdsom

Het bedrag van de kredietopening

De Toebehoren

De terugbetaling van de sommen betaald door de bank en/of de verzekeringsmaatschappij voor rekening van de kredietnemers: kosten voor hypotheekvestiging, hypotheekinschrijving, brand- en levensverzekeringspremies. De interesten op al die sommen, de moratoire rente, provisies en alle vergoedingen van de bank en/of verzekeringsmaatschappij. De terugbetaling als laatste van de kosten van betekening, van de invorderingsprocedure en van de eventuele onteigening niet bevoorrecht door de wet.

De Interesten

Drie jaar interesten waarvan de wet de rang behoudt die vastgelegd werd door de te nemen inschrijving ten belope van een tarief van maximaal 20% per jaar.

maandag, augustus 08, 2005

Prijzenoorlog op verzekeringsmarkt ?

Een 750-tal buitenlandse verzekeringsmakelaars is van plan om zich in België te vestigen.

Ze willen ook, dankzij een flexibeler financieel toezicht in hun thuisland, goedkopere producten meebrengen. Een prijzenoorlog dreigt, zegt de verzekeringssector.

De laatste maanden hebben ongeveer 750 buitenlandse verzekeringsmakelaars een aanvraag ingediend bij de Commissie voor het Bank-, Financie- en Assurantiewezen (cbfa), de Belgische waakhond van de financiële sector, om in België een kantoor te openen of hier hun producten te verkopen, zegt de zakenkrant De Tijd. Het merendeel van de aanvragen, 350, komt uit Groot-Brittannië, nog eens tweehonderd komt uit Tsjechië.

De makelaars maken gebruik van een Europese richtlijn die op 1 januari van dit jaar in voege trad, en die de Europese markt voor verzekeringsdiensten moest openstellen: elke verzekeringsmakelaar die in een Europees land ingeschreven is, kan dankzij de richtlijn ook aan de slag in een andere Europese lidstaat.

Dat kan leiden tot een prijzenoorlog, zegt de Belgische verzekeringssector.

Buitenlandse verzekeraars zijn immers aan iets minder regels gebonden dan Belgische, en zijn dus in staat om onder de prijs van hun Belgische concurrenten te duiken. Doorgaans hebben buitenlandse verzekeraars meer vrijheid over hun prijzen omdat ze aan mildere solvabiliteitsregels ge bonden zijn: die regels voorzien dat financiële dienstverleners geen product kunnen aanbieden dat ze niet financieel kunnen dekken.

Zulke regels hebben ook een invloed op de tarieven die verzekeringsbedrijven kunnen aanrekenen aan hun klant.

De komst van buitenlandse verzekeringsmakelaars kan dus tot een prijzenslag leiden, zei de cbfa enkele maanden geleden al. Er staat de 9.300 onafhankelijke Belgische verzekeringsmakelaars immers nog meer te wachten: tegen 2010 wil de Europese Commissie pan-Europese solvabiliteitsregels voor verzekeringsmaatschappijen, zodat er één Europese verzekeringsmarkt ontstaat. Ook dan verwachten verzekeraars een toegenomen concurrentie vanuit het buitenland. (RMe)

CBFA registreerde dit jaar al 750 buitenlandse verzekeringsmakelaars.

vrijdag, augustus 05, 2005

Prijscontrole autoverzekeringen afgeschaft

De federale minister van Economie, Marc Verwilghen (VLD), schaft de prijscontrole op de autoverzekeringen af. Dat de verzekeraars niet langer toestemming moeten vragen om de premies van de autoverzekeringen te verhogen, doet vermoeden dat de prijzen zullen stijgen. 'Onterecht', menen de verzekeraars. 'De sector is vandaag gezond en hogere premies zijn dan ook niet nodig,' klinkt het in De Tijd.

De verzekeraars vragen al jaren de prijscontrole op de verzekeringen af te schaffen. Ze menen dat de controle indruist tegen de vrijemarktregels. Minister Verwilghen, ook voogdijminister van de verzekeraars, gaat op hun eis in. De verzekeraars kunnen vanaf nu vrij beslissen of ze de premies van de autoverzekeringen verhogen, wat doet vermoeden dat de prijzen de komende maanden zullen stijgen. Assuralia, de beroepsvereniging van de verzekeraars, ontkent dat. 'De verzekeraars halen goede resultaten. Er is dus geen reden om de prijzen te verhogen', stelt Wauthier Robyns, de woordvoerder van Assuralia.

Enkele maanden terug verklaarde minister Verwilghen dat hij bereid was de prijscontrole te laten varen, op voorwaarde dat de prijzen voor de autoverzekeringen een jaar lang niet zouden stijgen. De verzekeraars zouden daar toen mondeling mee hebben ingestemd. Robyns wou dat gisteren niet bevestigen.

maandag, augustus 01, 2005

Rol van de notaris: de hypothecaire staat

De hypothecaire staat is een attest over de hypothecaire toestand van een onroerend goed. Deze gegevens zijn publiekelijk toegankelijk. Het attest geeft enkel zekerheid over de periode die voorafgaat aan de aanvraag. Daarom vraagt de notaris steeds een tweede hypothecaire staat op het moment van de nieuwe hypothecaire inschrijving.